Op 11 september verzamelden zich rond de 60 bestuurders in het Veenweide Innovatie Centrum (VIC) in Zegveld, midden in het Groene Hart. De bestuurlijke samenstelling was een mooie vertegenwoordig van de vier overheden. Regioreporters Chris van Naarden en Corine van den Berg bloggen over hun indrukken.

Bert De Groot, waterschapsbestuurder van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, legt uit waarom we op het VIC zijn. De proefboerderij Zegveld, opgericht voor de boeren in de veenweiden en nu ook gerund door de boeren in de omgeving, wil experimenteren met nieuwe vormen van mestopslag, agrarisch natuurbeheer, remmen van bodemdaling en meer. Tijdens de knapzaklunch later deze ochtend kunnen we bijvoorbeeld lisdoddeteelt en drukdrainage hier bekijken.

Bert de Groot vertelt enthousiast over het Vitaal Platteland-project in zijn regio, waarbij het succes schuilt in het als overheden naast de boer gaan staan en dan gewoon beginnen met het zoeken naar oplossingen – probleem voor probleem. Goed luisteren naar wat de mensen willen en samen ontdekken.

Ook Hans Mommaas, directeur PBL, vindt het belangrijk om in de uitvoering ruimte te geven aan de gebieden en regio’s. De huidige vraagstukken lenen zich niet meer voor centrale regie, wel voor regio’s die aan de slag gaan binnen de nationale randvoorwaarden zoals effectieve regelgeving of infrastructuur.

Het programma Vitaal Platteland probeert het aloude kip-ei-probleem van rijk of regio te doorbroken doordat het een open begin heeft, met daarna pas het toekennen van geld. Je kunt zo beter schakelen tussen rijk en regio en tussen overheden en maatschappelijke partners. Als je in de regio tegen problemen oploopt moet je omhoog schakelen en is het fantastisch dat er een overleg is in Den Haag tussen de ministeries waarbij je dit kunt adresseren.

Aan het einde passeren er aan de diverse bestuurlijke tafels verschillende dillema’s waarbij elke keer terugkomt hoe belangrijk de kracht van het gebied is en te werken met draagvlak in het gebied. Kort gezegd: bottom-up leek wel het toverwoord. Doordat dit door de bestuurders deze ochtend zo vaak benoemd werd, gingen bij ons toch wel een beetje de wenkbrauwen fronsen. Helaas gebeurt bottom-up werken nog te weinig. Als bestuurders heb je ook lef nodig om te accepteren dat in het gesprek met de bewoners niet al je doelstellingen zullen worden gerealiseerd, maar ook ben je sterk afhankelijk van de bewoners. Hoe professioneel zijn die georganiseerd, en durven zij ook over hun eigen grenzen heen te kijken?

Verder stelden wij ons ook de vraag of alle maatschappelijke problemen wel met draagvlak uit het gebied op te lossen zijn. Stel, er heerst een stikstofcrisis, of het watersysteem in een alsmaar dalende (veen)polder loopt tegen zijn einde, de boeren willen zich niet laten uitkopen en als langetermijnoplossing is het alleen maar mogelijk dat er een verandering komt in het landgebruik. Hoe moet je dit dan bottom-up oppakken?

Als u hiervoor de gouden tip heeft, dan praten wij graag een keer met u verder!