Hoe gaat IBP VP-gebied Zuidwestelijke Delta om met droogte en verzilting? Dat was de kernvraag tijdens een werkbezoek aan dit gebied op 31 juli, door onderzoekers van Wageningen University & Research. Organisator was Living Lab Schouwen-Duiveland.

Hoe kan de WUR bijdragen, met andere woorden, wat is er nodig aan onderzoek en beleid? Vragen van onderzoekers Martin Scholten en Martijn Buijsse, die zij voorlegden aan diverse bestuurders en agrariërs in IBP VP-gebied Zuidwestelijke Delta. Het werkbezoek bestond uit een aantal bedrijfsbezoeken en een vaartocht.

Ambitiedocument landbouw en natuur
De groep genodigden bracht onder andere een bezoek aan Proefboerderij Rusthoeve, Agrarisch Innovatie & Kenniscentrum in Colijnsplaat. Hier lichtte Jos Strobbe van provincie Zeeland het ambitiedocument landbouw en natuur toe. Met deze gebiedsgerichte aanpak gaat de provincie de komende jaren aan de slag. De WUR wordt uitgenodigd mee te werken aan de verdere vormgeving hiervan.

Vervolgens ging Henk Gerbers (strategisch adviseur ketenontwikkeling agrofood van provincie Noord-Brabant) in op de broedplaats volhoudbare landbouw. Deze broedplaats richt zich op een economisch en ecologisch vitale productie en voedselsysteem, en is onderdeel van het gebiedsplan Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland voor de Zuidwestelijke Delta (een van de vijftien regio’s van het IBP).

Op de mosselboot.

Duurzame buitendijkse voedselproductie
Na het bezoek aan de proefboerderij kreeg het gezelschap al varend een toelichting op de mosselhang-cultuurkweek door Hoogerheide Delimossel BV (zie ook: https://www.hangcultuurmosselen.nl/kweek). Jouke Heringa van de HZ University of Applied Sciences vertelde over de duurzame buitendijkse voedselproductie als onderdeel van het Living Lab Schouwen-Duiveland. Samen met Bastienne Vriesendorp van Aquatic Ape werd het publiek-private onderzoek naar de mogelijkheden van combinatiekweek van hangcultuurmosselen en zeewier toegelicht. Dit onderzoek start in september.

Tekort aan zoet water
Daarna was het akkerbouwbedrijf van Coen en Marianne van den Hoek in Dreischor aan de beurt. Zij telen onder andere pootgoed, zaaiuien, consumptieve aardappelen en hebben eigen mechanisatie. Tijdens het bezoek aan dit bedrijf stond het vraagstuk rondom het gebrek aan zoet water op Schouwen-Duiveland centraal. Dit ontstaat doordat er geen externe wateraanvoer is. Dit leidt tot lagere opbrengsten, terwijl de kosten blijven toenemen. De focus van het bedrijf ligt daarom op innovatie en optimalisatie om toekomstbestendig en duurzaam te ondernemen.

De resultaten van FRESHEM (https://kaarten.zeeland.nl/map/freshem) geven een goed beeld van het zoet en zout water in de Zeeuwse ondergrond. Een deel van de gronden van het bedrijf liggen op een zoetwaterbel. Door toenemende droogte en gebrek aan zoet water is diepdrainage aangelegd. Doel is  om met een peilgestuurd drainagesysteem de regenwaterlens te behouden en te verdikken. Via de broedplaats zoet water Schouwen-Duiveland gaat het bedrijf onder andere onderzoeken of de zoetwaterbel duurzaam ingezet kan worden. Ook is er aandacht voor goed bodembeheer. Bodemstructuur en bodemvruchtbaarheid worden verbeterd door gebruik te maken van onder meer natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen, groenbemesting en groencompost.

Omschakeling naar biologisch
De laatste stop tijdens het werkbezoek was bij Boerderij Nieuw Leven – Maatschap den Boer in Kerkwerve. Dit bedrijf zit in een omschakeling van gangbare naar biologische landbouw. Dit duurt zes jaar, dat zijn pittige en arbeidsintensieve jaren. Met andere biotelers, Vereniging biologische boeren zuidwest (ZLTO) en een biologische teeltadviseur wordt kennis uitgewisseld. Het belangrijkste is de bodem, als deze in orde is dan lukt het. Den Boer is nu al bijna voor de helft omgeschakeld naar biologische gewassen.

Op het land bij Mts. Kerkwerve.

Er volgde een toelichting over groenbemestingsgewassen/groenbemesters die na oogst gezaaid worden, niet kerende grondbewerking en rijpadensysteem dat vooral past bij biologische teelt. Lennert den Boer vertelde dat hij ook nadenkt over nieuwe ontwikkelingen als strokenteelt. Hierdoor worden gewassen nog weerbaarder, maar nadeel is dat machines voor smalle stroken niet gangbaar zijn. Als effect van de droogte en het tekort aan zoet water zien we hier tweewassigheid ontstaan. Alleen de zaadjes die vochtig genoeg liggen kiemen, daardoor krijg je verschil in groeifase van het gewas. Dit geeft in de teelt allerlei problemen, zoals met onkruidbestrijding en oogst.

Het inzetten op een kortere keten is, zeker in Zeeland, sowieso het onderzoeken waard. Food Delta Zeeland zet zich in voor slimme ketensamenwerking.

Meer weten? Bezoek dan de website van Living Lab Schouwen-Duiveland.